De student voert ontwerpgericht onderzoek uit om tot onderbouwde ontwerpbeslissingen te komen en reflecteert daarbij kritisch op de toegepaste onderzoeksmethoden. Dit houdt in dat de student niet alleen passende methoden selecteert en uitvoert, maar ook beoordeelt in hoeverre deze geschikt waren voor het vraagstuk, welke beperkingen of vertekeningen mogelijk zijn opgetreden en hoe dit de resultaten kan hebben beïnvloed. Op basis van deze reflectie formuleert de student verbeterpunten voor toekomstig onderzoek en laat zien hoe een meer gerichte of aanvullende aanpak de kwaliteit en betrouwbaarheid van de bevindingen kan versterken.